Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2012

Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY5241.

2.18. Middel 2 is gericht tegen rov. 2.8 van het arrest over het voegingsincident. Het richt een motiveringsklacht tegen het oordeel dat [verweerder 2] (in zijn hoedanigheid of voor zich) een gerechtvaardigd belang heeft om zich in het geding te voegen. Volgens de klacht is dit oordeel onbegrijpelijk: zonder nadere toelichting valt niet in te zien waarom een executeur enig belang zou hebben om zich als procespartij te voegen in een verdelingszaak. Naar de mening van de broers speelt de executeur geen rol bij de verdeling: hij maakt slechts de nalatenschap rijp voor een verdeling tussen de erfgenamen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/17972cd3ba489c975721e48141f449a1d826e5543fed36d9303f9e9a314e4158. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 17972cd3ba489c975721e48141f449a1d826e5543fed36d9303f9e9a314e4158, en de alinea staat in dat document op bytes 40518 tot 41139.