Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 december 2012
Alinea 50 Parket bij de Hoge Raad 7 december 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY6108.
2.7.4 Boekraad stelde een vergelijkbare maatstaf voor, zij het met enkele verschillen.(18) Ook hij neemt de 'materiële verschuldigdheid' als uitgangspunt. Hij acht echter niet noodzakelijk dat ook de omvang al in overwegende mate is bepaald door rechtsfeiten van voor het faillissement. Een belangrijk verschil is verder dat Boekraad niet op basis van de materiële verschuldigdheid de ontstaansdatum wil verschuiven. Hij meent dat de Faillissementswet, gezien de bepalingen als het voornoemde artikel 37a Fw (en verder artikel 136 lid 2 en 299 Fw), ruimte biedt om vorderingen die pas na faillissement zijn ontstaan maar uit een al eerder bestaande rechtsverhouding voortvloeien, toch als faillissementsvorderingen te kwalificeren. Die ruimte zou ook buiten de genoemde artikelen gebruikt kunnen worden, als de materiële verschuldigdheid van de verplichting vooral is gebaseerd op eerdere feiten. Daartegen is echter aangevoerd dat voornoemde bepalingen uitzonderingen zijn op het fixatiebeginsel dat in het faillissementsrecht een centrale rol speelt. Daarom zouden de uitzonderingen limitatief moeten worden opgevat en is er geen ruimte voor niet expliciet in de artikelen genoemde schulden.(19)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0e2c3a36ca19ecf4041e2e910f30dceb69709986fc48dc8d9b0934e644a382f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0e2c3a36ca19ecf4041e2e910f30dceb69709986fc48dc8d9b0934e644a382f, en de alinea staat in dat document op bytes 23255 tot 24468.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c0e2c3a36ca19ecf4041e2e910f30dceb69709986fc48dc8d9b0934e644a382f | shasum -a 256