Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 december 2012

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 11 december 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BZ2215.

4.5. Borgers vraagt zich af of de (voorwaardelijke) vordering van de Staat niet al ontstaat op het moment dat de betrokkene het strafbare feit begaat waaruit hij zijn voordeel verkrijgt, nu op dat moment reeds een zekere rechtsverhouding ontstaat tussen het openbaar ministerie en de betrokkene. Aangezien echter vele andere factoren een rol spelen bij de vraag of een ontnemingsmaatregel wordt gevorderd, opgelegd en zo ja, voor welk bedrag, komt hij uiteindelijk toch uit bij het moment van eerste oplegging van de ontnemingsmaatregel als ontstaansmoment van de faillissementsschuld.(4)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/030ce58c317dceb6b98ec9811274563ea39b3367511ecb97d308da96002b6282. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 030ce58c317dceb6b98ec9811274563ea39b3367511ecb97d308da96002b6282, en de alinea staat in dat document op bytes 12361 tot 12962.