Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2013
Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2013, ECLI:NL:PHR:2013:1007.
2.4 Het Hof heeft voor het bewijs gebruik gemaakt van diverse processen-verbaal inhoudende voor de verdachte belastende verklaringen van [getuige 1] en [getuige 2]. Het bewijs van de feiten 1 en 3 (de klacht heeft naar zijn aard geen betrekking op het als feit 2 bewezenverklaarde feit) berust evenwel in belangrijke mate op de verklaringen van de getuigen [getuige 3] (feit 1), [getuige 4] (feit 1),[getuige 5] (feit 3) en [getuige 6] (feit 3). In zoverre vormen de verklaringen van [getuige 1] en [getuige 2] slechts ondersteunend bewijs. Hier doet zich dus het geval voor dat weliswaar de gelegenheid tot het ondervragen van deze getuigen heeft ontbroken, maar hun verklaringen in belangrijke mate steun vinden in andere bewijsmiddelen. Van onverenigbaarheid met art. art. 6, lid 1, en lid 3, aanhef en onder d, EVRM is om die reden geen sprake. Tegen die achtergrond getuigt de hiervoor weergegeven overweging van het Hof niet van een onjuiste rechtsopvatting, en is zij evenmin onbegrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cbe5ca302428574f323de09ff2a40824ecaa729c06eea25094cdfabebdc2e7fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cbe5ca302428574f323de09ff2a40824ecaa729c06eea25094cdfabebdc2e7fa, en de alinea staat in dat document op bytes 8024 tot 9035.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cbe5ca302428574f323de09ff2a40824ecaa729c06eea25094cdfabebdc2e7fa | shasum -a 256