Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2013
Onder 4.50 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2013, ECLI:NL:PHR:2013:1102.
Sluysmans heeft zich in zijn proefschrift gebogen over de redelijke termijn van art. 6 EVRM in onteigeningszaken. Hij hecht, volgens mij terecht, veel waarde aan de in de Onteigeningswet neergelegde bepalingen die het tijdpad van de onteigeningsprocedure uitstippelen. De wetgever heeft de onteigeningsprocedure aangemerkt als een procedure die heel snel zijn beslag dient te krijgen. In de oorspronkelijke opzet van de wet diende die snelheid twee belangen. Het met de onteigening gediende algemene nut werd niet door slepende procedures op de lange baan geschoven en de onteigende kreeg boter bij de vis, omdat onteigening en schadeloosstelling in één en hetzelfde vonnis werden vastgesteld. Sinds de wetswijziging van 1972 waarbij de vervroegde onteigening (Hoofdstuk IIIa van de wet) werd ingevoerd, zijn die belangen uit elkaar getrokken. De vervroegde onteigening gaat snel, maar de vaststelling van de schadeloosstelling volgt later, en soms met aanzienlijke vertraging en overschrijding van de termijnen in de Onteigeningswet die ook na 1972 bleven regelen hoe snel zou moeten worden geprocedeerd. Sluysmans constateert, en licht toe, dat de duur van de schadeloosstellingsprocedure in eerste aanleg in een aanzienlijk aantal gevallen niet alleen strijdt met de wet (art. 24, 34 en 37 Ow), maar ook met de eisen van art. 6 EVRM. Hij komt tot de conclusie dat de totale maximale termijn zoals die uit de bestaande wet kan worden afgeleid uitkomt op circa achttien maanden, die hij, als ik hem goed begrijp, rekent vanaf de descente. Een redelijke termijn acht hij anderhalf tot maximaal twee jaar gelegen tussen de descente en het eindvonnis. In de onderhavige zaak vond de descente plaats op 15 september 2009 en dateert het vonnis van 19 september 2012. In de visie van Sluysmans is dus in de onderhavige zaak niet binnen de redelijke termijn van art. 6 beslist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98f340d1ef8c2b31fcc9d38b9d51a8ca6834e180b47faa7e6073b7d24bc288f6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98f340d1ef8c2b31fcc9d38b9d51a8ca6834e180b47faa7e6073b7d24bc288f6, en de alinea staat in dat document op bytes 101518 tot 103533.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98f340d1ef8c2b31fcc9d38b9d51a8ca6834e180b47faa7e6073b7d24bc288f6 | shasum -a 256