Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2013

Onder 22. Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2013, ECLI:NL:PHR:2013:111.

Het hof heeft vervolgens geoordeeld – zo blijkt uit het slot van rov. 7 van zijn tussenarrest en uit rov. 2.1 van zijn eindarrest – dat gelet op de omstandigheden waaronder het testament is gemaakt en de verhouding die erflaatster in elk geval heeft willen regelen, niet duidelijk is of erflaatster tevens heeft willen regelen dat [eiser] onder alle omstandigheden, zoals de omstandigheden ten tijde van haar overlijden, erfgenaam zou zijn en dat het testament in zoverre geen ‘duidelijke zin’ heeft als bedoeld in het eerste lid van art. 4:46 BW, zodat te dien aanzien voor uitlegging daarvan daden en verklaringen van erflaatster mogen worden gebruikt. In dat verband heeft het hof [verweerder] toegelaten tot bewijslevering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44c340aed83dfa802efb142345db55476e3e5fbb8e6399e2dd490983622390c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44c340aed83dfa802efb142345db55476e3e5fbb8e6399e2dd490983622390c7, en de alinea staat in dat document op bytes 52366 tot 53116.