Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 augustus 2013

Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 27 augustus 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 augustus 2013, ECLI:NL:PHR:2013:1129.

Het hof is van oordeel dat de rechter-commissaris bij de verlening van een machtiging als bedoeld in artikel 126 m, vijfde lid Sv in redelijkheid tot het oordeel heeft kunnen komen dat is voldaan aan de wettelijke vereisten. De machtiging is aangevraagd en verleend op basis van informatie die respectievelijk in maart 2005, januari 2006 en juli 2007 is binnengekomen bij de Criminele Inlichtingen Eenheid (ClE). De informatie is telkens als betrouwbaar aangemerkt. Het hof is van oordeel dat deze CIE-informatie, in onderling verband bezien, een redelijk vermoeden oplevert dat verdachte zich schuldig zou maken aan passieve ambtelijke omkoping als bedoeld in artikel 363 van het Wetboek van Strafrecht. De informatie uit 2005 en 2006 is weliswaar gedateerd maar moet worden bezien in samenhang met zeer recente informatie uit 2007. Er is derhalve sprake van een verdenking van een misdrijf als omschreven in artikel 67, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, dat gezien zijn aard een ernstige inbreuk op de rechtsorde oplevert. Het hof is van oordeel dat het onderzoek de toepassing van de bevoegdheid ook dringend vorderde, gelet op het grote maatschappelijke belang dat is gediend met de opsporing van ambtelijke corruptie. Gelet op de aard van de verdenking voldoet het bevel aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fdb533d70700dbeb59b12ce1fabde2a09bcbb359aee7e85b27988940b15691a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fdb533d70700dbeb59b12ce1fabde2a09bcbb359aee7e85b27988940b15691a, en de alinea staat in dat document op bytes 6579 tot 7936.