Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juli 2013

Onder 4.23 Parket bij de Hoge Raad 18 juli 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juli 2013, ECLI:NL:PHR:2013:119.

In het hierboven afgedrukte arrest verwerpt de Hoge Raad het middel, inhoudende dat de verordening in strijd is met het gelijkheidsbeginsel, het evenredigheidsbeginsel, art. 14 EVRM jo. art. 1 Eerste Protocol EVRM en art. 26 IVBPR. Noch in het middel, noch in de verwerping ervan is rekening gehouden met de hiervoor bepleite ordening. Als alle toetsingen positief uitvallen, zoals in casu het geval is, is het ontbreken van een ordening geen probleem. Anders ligt het als de uitkomst van één of twee toetsingen negatief is. Stel dat het resultaat van de rechtstreekse toetsing van de verordening in r.o. 3.5 aan de genoemde rechtsregels was geweest dat de verordening daarmee in strijd is. Dat zou, nu de Hoge Raad de verordening in overeenstemming met het wettelijk kader acht (zie r.o. 3.3) en aan de verordening geen andere eisen stelt dan hij op grond van art. 14 EVRM jo. art. 1 Eerste Protocol EVRM en art. 26 IVBPR aan het wettelijk kader kan stellen, tot een patstelling hebben geleid, die de Hoge Raad slechts had kunnen doorbreken door ook het wettelijk kader onverbindend te oordelen. Zou hij, zoals hiervoor bepleit, met de toetsing van het wettelijk kader zijn begonnen, dan zou dezelfde uitkomst op een veel directere en logischer wijze zijn bereikt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9df01dfb7df060a02446aecc64e3c478ff333859d838c0644020e4e97573a6cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9df01dfb7df060a02446aecc64e3c478ff333859d838c0644020e4e97573a6cc, en de alinea staat in dat document op bytes 74474 tot 75754.