Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2013

Onder 2.25 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2013, ECLI:NL:PHR:2013:1253.

Volledigheidshalve merk ik nog op dat in literatuur en jurisprudentie wordt uitgegaan van de mogelijkheid dat in geval van verkoop door de pandgever de betaling van de koopsom op diens rekening bij de pandhouder/bank kan worden gekwalificeerd als betaling aan de pandhouder/bank zelf. In dat geval wordt aan art. 54 Fw evenmin toegekomen, omdat de gezekerde vordering door betaling tenietgaat. Een dergelijke kwalificatie berust op uitleg van de afspraken tussen verkoper en bank. Blijkens de rechtspraak dient daartoe aan verschillende eisen te zijn voldaan. In het onderhavige geval is niet aangevoerd dat een dergelijke rechtstreekse betaling aan de bank als pandhouder heeft plaatsgevonden; het hof heeft dit dan ook niet onderzocht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9a49ccdb8d8adf6d517c09fb9056a287fdb15be2191af3a4977a2228a2541be5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9a49ccdb8d8adf6d517c09fb9056a287fdb15be2191af3a4977a2228a2541be5, en de alinea staat in dat document op bytes 70685 tot 71565.