Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 november 2013

Onder 4.7. Parket bij de Hoge Raad 18 november 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 november 2013, ECLI:NL:PHR:2013:1367.

Uit de wetsgeschiedenis valt echter ook op te maken, dat de wetgever voor (de handhaving en) de uitbreiding van de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten een andere rechtvaardigingsgrond is gaan hanteren. Niet het al dan niet ontbreken van liquide middelen, welk argument ook van belang is bij verkrijgingen van ander vermogen dan ondernemingsvermogen, is voor de wetgever de rechtvaardiging gebleven de verkrijging van ondernemingsvermogen anders te behandelen dan niet-ondernemingsvermogen. Uit de wetsgeschiedenis valt op te maken, dat, vanaf 2005, maar in ieder geval met ingang van 2007, het in alle gevallen waarborgen van de continuïteit van een ('echte') onderneming van erflater voorop is komen te staan, ook in die gevallen waarin het betalen van recht van successie niet stuit op betalingsproblemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aebf8fb469ed183d17fc40504c247ad9d7c421d95dc06bde3a9eca1e5c2f7e64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aebf8fb469ed183d17fc40504c247ad9d7c421d95dc06bde3a9eca1e5c2f7e64, en de alinea staat in dat document op bytes 54657 tot 55474.