Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 december 2013

Onder 3.20 Parket bij de Hoge Raad 13 december 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 december 2013, ECLI:NL:PHR:2013:2369.

“Aan «uitdrukkelijk en zonder voorbehoud» gedane rechterlijke vaststellingen omtrent de materiële rechtsverhouding van partijen komt tussen hen geen gezag van gewijsde toe in de bodemprocedure. De bindende kracht van de deelgeschilbeschikking beperkt zich tot hetgeen in het eerste lid is aangeduid: de bindende kracht van een tussenvonnis. Aangeknoopt wordt daarmee bij de zogenoemde leer van de bindende eindbeslissing. De rechter in eerste aanleg kan daarvan in beginsel niet terugkomen, doch dat is anders als er inmiddels nadere gegevens voorhanden zijn waaruit blijkt dat de beslissing niet juist is geweest. Wordt in de bodemprocedure hoger beroep ingesteld, dan kunnen deze beslissingen wèl in volle omvang ter discussie worden gesteld”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6d3cdabe6f3921cb8e0d7223efb79b5f830c92606be4bd92d55e99ceb06fb59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6d3cdabe6f3921cb8e0d7223efb79b5f830c92606be4bd92d55e99ceb06fb59, en de alinea staat in dat document op bytes 38870 tot 39635.