Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013

Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013, ECLI:NL:PHR:2013:25.

Naar vaste rechtspraak dient een geschil te worden beslecht tussen de werkelijk bestaande procespartijen en kan geen vonnis worden gewezen ten gunste van of juist tegen een niet-bestaande (rechts)persoon en daarmee over een rechtsverhouding die niet meer bestaat, nog afgezien van de executieperikelen die optreden bij een veroordeling van een niet-bestaande (rechts)persoon en die zich in het onderhavige geval ook voordoen. Eveneens naar vaste rechtspraak heeft te gelden dat het uitbrengen van een dagvaarding door een niet-bestaande (rechts)persoon niet tot niet-ontvankelijkverklaring behoeft te leiden, indien sprake is van een vergissing en de gedaagde heeft begrepen of redelijkerwijs geacht kan worden te hebben begrepen ten verzoeke van wie de dagvaarding is uitgebracht, waarmee een rechtens te respecteren belang bij niet-ontvankelijkverklaring ontbreekt .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb97dc4c7681872d377258a97106402bf942f6a75f0185b92d7ded1f3120c056. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb97dc4c7681872d377258a97106402bf942f6a75f0185b92d7ded1f3120c056, en de alinea staat in dat document op bytes 14086 tot 15031.