Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2013

Onder 2.29 Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2013, ECLI:NL:PHR:2013:30.

Belangrijker dan art. 31 lid 4 Rv acht ik echter de vraag of de vader bij zijn klacht tegen de verbetering van de eindbeschikking belang heeft, nu daarop tezelfdertijd als op zijn klachten tegen de eindbeschikking zal worden beslist. Wordt de eindbeschikking vernietigd, dan zal de uitvoerbaarheid daarvan al om die reden een einde nemen; wordt het cassatieberoep verworpen en houdt de eindbeschikking stand, dan zal de uitvoerbaarheid van de eindbeschikking niet langer afhankelijk zijn van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad, waarmee het dispositief van de eindbeschikking bij de bestreden herstelbeslissing is uitgebreid. Naar mijn mening kan de klacht tegen de herstelbeslissing reeds bij gebrek aan belang niet tot cassatie leiden. Het is dan ook ten overvloede dat ik niettemin op die klacht inga.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e332ea3a0b4c11061f7c93873ee4ca0fa828a63488461c8825f1dfdb746e8bcf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e332ea3a0b4c11061f7c93873ee4ca0fa828a63488461c8825f1dfdb746e8bcf, en de alinea staat in dat document op bytes 76109 tot 76929.