Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013

Onder 2.21 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013, ECLI:NL:PHR:2013:41.

Bovenstaande objectieve uitlegnorm heeft naar mijn mening a fortiori te gelden bij de uitleg – bijvoorbeeld ter vaststelling van het privé-gedeelte van een appartementsrecht – van de op de splitsing van een gebouw betrekking hebbende splitsingsstukken. Zou van een leverings- of vestigingsakte nog kunnen worden betoogd dat zij zich primair richt tot de betrokken partijen met hun subjectieve bedoelingen , bij de splitsingsakte, waarbij het appartementsrecht ontstaat, is uitsluitend sprake van een initiële ‘partijbedoeling’ van de rechthebbende die de splitsing doet bewerkstelligen. Latere verkrijgers zullen voor de omvang van hun appartementsrecht te rade kunnen en moeten gaan bij de ingeschreven splitsingsstukken. Het hof heeft dan ook m.i. terecht – en in cassatie niet bestreden – als uitlegnorm voorop gesteld dat het aankomt op de in de splitsingsstukken tot uitdrukking gebrachte partijbedoeling, die moet worden afgeleid uit de naar objectieve maatstaven in het licht van de gehele inhoud van de splitsingsstukken uit te leggen tekstuele omschrijving en intekening van de gedeelten. Een bevestiging voor deze gedachte wordt aangetroffen in het arrest Ponjee/Sperling, waarin Uw Raad overgaat tot uitleg van de splitsingsstukken (in dat geval: uitsluitend een akte) aan de hand van de “omschrijvingen als bedoeld in art. 638f, aanhef en onder 2 , gelezen in het licht van de gehele tekst van de splitsingsakte”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/710bfce3e9c2e35b8ffce6dca5678e249bd9b469806d197696be5902581ef840. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 710bfce3e9c2e35b8ffce6dca5678e249bd9b469806d197696be5902581ef840, en de alinea staat in dat document op bytes 40197 tot 41843.