Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013
Onder 4.2 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2013, ECLI:NL:PHR:2013:50.
Alhoewel het middel ertegen lijkt te zijn gericht dat het hof [eiser] c.s. ten onrechte in hun hoger beroep heeft ontvangen, keert het zich kennelijk tegen het feit dat het hof, oordelend in het incidentele appel van de Gemeente, heeft nagelaten de juiste consequenties aan de exclusieve bevoegdheid van de bestuursrechter ter zake van de kosten van de bezwaarprocedure te verbinden. Daarbij geldt dat de eerste incidentele grief van de Gemeente (weergegeven in rov. 4.11) weliswaar ten betoge strekte dat de rechtbank zich ten onrechte bevoegd heeft verklaard van de vordering tot vergoeding van de kosten van de bezwaarprocedure kennis te nemen en dat de Gemeente in haar incidentele appel weliswaar heeft gevorderd dat het hof, na vernietiging van de vonnissen van 24 maart 2010 en 15 december 2010, zich met betrekking tot de vordering van [eiser] c.s. tot vergoeding van de (integrale) kosten van de bezwaarprocedure alsnog onbevoegd zal verklaren, maar dat impliceert naar mijn mening niet dat andere, aan de exclusieve bevoegdheid van de bestuursrechter te verbinden consequenties dan de gevorderde onbevoegdverklaring daardoor buiten de grenzen van de rechtsstrijd in het incidentele appel vielen. (Materiële) onbevoegdheid van de burgerlijke rechter kan leiden tot verschillende consequenties, die in de rechtspraak niet altijd strikt worden onderscheiden: (materiële) onbevoegdheid kan leiden tot een onbevoegdverklaring, maar ook tot een niet-ontvankelijkverklaring wegens het openstaan van een andere, met voldoende waarborgen omklede rechtsgang, alsmede tot een inhoudelijke ontzegging van de vordering, op de grond van, kort gezegd, formele rechtskracht van het daarmee bestreden besluit, als de daartegen openstaande, bestuursrechtelijke rechtsgang niet of niet met succes is benut. Voor de in de rechtspraak niet onveranderlijke grens tussen een onbevoegdverklaring en niet-ontvankelijkverklaring verwijs ik naar de ontwikkelingen met betrekking tot de door de burgerlijke rechter aan de (ruime) bevoegdheid van de ambtenarenrechter te verbinden consequenties. In het arrest Changoe heeft de Hoge Raad overwogen:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee40a72e1b07dcb10b011cee81810e25ce56d486bed8c1403e2832a249e7db04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee40a72e1b07dcb10b011cee81810e25ce56d486bed8c1403e2832a249e7db04, en de alinea staat in dat document op bytes 73798 tot 76075.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee40a72e1b07dcb10b011cee81810e25ce56d486bed8c1403e2832a249e7db04 | shasum -a 256