Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2013

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2013, ECLI:NL:PHR:2013:528.

3.5. Het lijkt mij volstrekt helder wat de betekenis is van de verwijzing naar de eerdere overtredingen van procedurele regels betreffende het overbrengen van afvalstoffen. De advocaat van verdachte heeft daarvan nota bene zelf melding gemaakt ter terechtzitting in hoger beroep. Binnen het samenwerkingsverband van het bedrijf van verdachte is klaarblijkelijk eerder zo een overtreding geconstateerd. Het lijkt mij ook duidelijk dat uit het controle-onderzoek de verdenking tegen het bedrijf van verdachte zelf is voortgekomen. Het middel dat onder 4 klaagt dat het hof op deze aspecten niet is ingegaan gaat uit van een te beperkte lezing van de overwegingen van het hof en mist dus feitelijke grondslag. Dat het aan verdachte niet duidelijk is geweest vanaf welk moment hem een zwijgrecht toekwam lijkt mij op zichzelf irrelevant, als de verdediging daar niet aan toevoegt dat verzuimd is verdachte, op het moment dat een vermoeden van schuld was ontstaan, op zijn zwijgrecht te wijzen. De rechter hoeft niet vast te stellen op welk moment controle overgaat in opsporing. Het is aan de verdediging om aan te geven op welk moment naar haar mening opsporingsbevoegdheden zijn uitgeoefend terwijl dat nog niet was geoorloofd. Uitlatingen in die trant heb ik nergens aangetroffen en ook de cassatieschriftuur put zich uit in algemeenheden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ab46f05a69051dcc285550f3b9d10ddfea8299856960553be7a605bb3ab00a58. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ab46f05a69051dcc285550f3b9d10ddfea8299856960553be7a605bb3ab00a58, en de alinea staat in dat document op bytes 12664 tot 14016.