Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 juli 2013

Onder 2.3. Parket bij de Hoge Raad 26 juli 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 juli 2013, ECLI:NL:PHR:2013:642.

In de uitspraak van de Raad van 13 oktober 2010 zijn de vereisten opgesomd die gelet op de uitleg van het EHRM van artikel 6, eerste lid, van het EVRM aan de heffing van het griffierecht moeten worden gesteld. In navolging van de uitspraak van 13 oktober 2010 constateert de Raad dat opposant niet heeft gesteld dat de hoogte van het griffierecht in zijn geval onevenredig bezwarend is. Ter zitting heeft opposant bevestigd dat hij een zodanig inkomen heeft dat hij in staat is het griffierecht te betalen. In hetgeen opposant heeft aangevoerd ziet de Raad, mede gelet op de beleidsruimte die de verdragsstaten toekomt bij het stellen van regels betreffende de toegang tot de rechter, geen aanleiding voor de conclusie dat in het onderhavige geval onevenredige belemmeringen worden opgeworpen. De Raad concludeert dan ook dat in de uitspraak van 13 oktober 2010 met juistheid is geoordeeld dat het heffen van griffierecht in de omstandigheden van het geval geen wezenlijke inbreuk vormt op het in artikel 6 van het EVRM neergelegde recht op toegang tot de rechter. De Raad voegt daaraan toe dat de stelling van opposant dat het griffierecht niet onevenredig hoog mag zijn in verhouding tot de hoogte van de boete, in een stelsel als het onderhavige, waarin het griffierecht is gefixeerd op een vast (betrekkelijk laag) bedrag, in de rechtspraak van het EHRM geen steun vindt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c1e4babd5d522a7f7757eab7c6c4c80711575facf9d308e4e46a17516ca64273. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c1e4babd5d522a7f7757eab7c6c4c80711575facf9d308e4e46a17516ca64273, en de alinea staat in dat document op bytes 86259 tot 87647.