Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2013
Onder 4.3. Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2013, ECLI:NL:PHR:2013:700.
In de toelichting op het middel betoogt belanghebbende dat uit het bepaalde in artikel 13, lid 2, van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 (hierna: de Uitvoeringsbeschikking) noch uit het bepaalde in artikel 31 van de Wet en artikel 8 van de Uitvoeringsbeschikking, volgt dat de herziening ter zake van het gehele boekjaar waarin de overgang heeft plaatsgevonden op de overnemer overgaat. Belanghebbende meent dat het overgaan van de herziening met betrekking tot een lopend boekjaar op de overnemer niet rationeel is. Dit omdat enkel de overdrager aan het eind van het desbetreffende boekjaar in staat is vast te stellen of en zo ja tot welk bedrag herziening moet plaatsvinden. Voorts ontstaat, aldus nog steeds belanghebbende, de materiële belastingschuld betreffende de herziening in de loop van het boekjaar, en niet eerst aan het eind daarvan. De oordelen van de Rechtbank en het Hof waarbij van dat laatste is uitgegaan, berusten volgens belanghebbende dan ook op een onjuiste rechtsopvatting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3beaab01e170309099b01b89885716076f3d186814e682d2a10560fada26e8a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3beaab01e170309099b01b89885716076f3d186814e682d2a10560fada26e8a3, en de alinea staat in dat document op bytes 25750 tot 26773.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3beaab01e170309099b01b89885716076f3d186814e682d2a10560fada26e8a3 | shasum -a 256