Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2013

Onder 5.8 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2013, ECLI:NL:PHR:2013:755.

Hoe dit zij: Farmerhoeve heeft in de door het onderdeel genoemde passage uit de memorie van antwoord in principaal appel (p. 3 t/m 5, onder nrs. 2 t/m 4, waar en passant wordt ingegaan op misdaad die loont, rookgordijnen en wat dies meer zij) gesteld dat het verweer dat [verweerder] met grief 1 in principaal appel heeft aangevoerd, een ontvankelijkheidsverweer is dat slechts gevoerd kon worden in de eerste conclusie na het instellen van de vordering of de relevante eisvermeerdering. Nu [verweerder] het verweer pas in hoger beroep heeft aangevoerd, is dit verweer – aldus de memorie van antwoord – tardief. Het Hof heeft dat betoog van Farmerhoeve c.s. in rov. 8 van het tussenarrest gemotiveerd verworpen. Naar oordeel van het Hof betreft het aan de orde zijnde verweer van [verweerder] namelijk geen ontvankelijkheidsverweer dat op straffe van verval vóór alle weren ten gronde gevoerd dient te worden. Het betreft een niet-gedekt verweer dat, mede gezien de herstelfunctie van het appel, in hoger beroep in beginsel alsnog aangevoerd mag worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0e65eb62f3d9604775ec9b5a611dcd705e25c55d17ab87d9aad7eae755b989bf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0e65eb62f3d9604775ec9b5a611dcd705e25c55d17ab87d9aad7eae755b989bf, en de alinea staat in dat document op bytes 35483 tot 36556.