Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2013

Onder 4.36 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:859.

Daarbij komt dat de nationale rechter ook een eigen, een iets stringentere koers zou kunnen varen met betrekking tot de beoordelingsvrijheid van de wetgever. De rechtspraak van het EHRM laat daar ook ruimte voor. De Europese rechter staat immers uit de aard der zaak op meer afstand van de nationale samenleving dan de nationale autoriteiten, dus inclusief de nationale rechter. In de zaak Burden and Burden overweegt het EHRM: 'Because of their direct knowledge of their society and its needs, the national authorities are in principle better placed than the international judge to appreciate what is in the public interest on social or economic grounds'. Zie in dezelfde zin al EHRM 7 december 1976, no. 5493/72, Handyside v. UK, punt 48 e.v. Een ruime beoordelingsvrijheid in belastingzaken is prima, maar dat betekent nog niet dat de nationale rechter één-op-één de rechtspraak van het EHRM met betrekking tot de omvang van die vrijheid moet overnemen. Wellicht blijkt er dan toch enige ruimte voor de nationale rechter te zijn om fundamentele noties van onze belastingwetgeving, zoals de draagkrachtgedachte van onze inkomstenbelasting, serieus in de afweging te betrekken. Zulke noties bepalen namelijk in hoge mate wat gevallen fiscaal gelijk of ongelijk maakt. De onderhavige procedure is daar een voorbeeld van.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4f0c170374c2164a110e760d3258e5b3deed42ec3a1beded99913b3c0ed5d2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4f0c170374c2164a110e760d3258e5b3deed42ec3a1beded99913b3c0ed5d2d, en de alinea staat in dat document op bytes 200743 tot 202080.