Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2013

Onder 3.1. Parket bij de Hoge Raad 30 september 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:863.

De rechter is in de actuele staatsrechtelijke context niet een mechanische wetsuitlegger, maar vervult een rechtsvindende opdracht die soms zelfs rechtsvorming vereist. Het rechtsstatelijke uitgangspunt vereist dat wet- en regelgeving ten dienste van de sociale rechtsgemeenschap wordt uitgeoefend. Daarin schuilt de probleemstelling betreffende de verdeling van de staatsmacht. Happé stelt met betrekking tot de interpretatieruimte die de rechter heeft, dat er twee opvattingen over de trias politica tegenover elkaar staan: die van de machtenscheiding en die van het machtsevenwicht . De regelgevers gaan daarbij veelal uit van de leer van de machtenscheiding, terwijl de rechter de leer van het machtsevenwicht toepast. (...) "Evenwicht van machten brengt tot uitdrukking dat ook de wetgever als democratisch gelegitimeerde staatsmacht gebonden is aan het recht en dat de rechter daarop toeziet. Gebondenheid van de wetgever aan algemene rechtsbeginselen en toetsing door de rechter maken een integrerend onderdeel daarvan uit." Soms moet het machtswoord van de wetgever wijken voor het rechtsoordeel van de rechter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4626fcdc9b24ce219e3ece46383a03cbf386f5a5cd07010db132b9e541637376. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4626fcdc9b24ce219e3ece46383a03cbf386f5a5cd07010db132b9e541637376, en de alinea staat in dat document op bytes 215707 tot 216841.