Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013
Onder 2.4. Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:879.
Onderdeel 1 klaagt onder a dat het hof miskent dat wanneer partijen zijn overeengekomen dat voor de totstandkoming van een bindende afspraak aan bepaalde vormvereisten moet zijn voldaan, geen verbintenis uit overeenkomst ontstaat indien (nog) niet aan die vereisten is voldaan. Dit geldt volgens de Staat te meer, nu partijen deze vormvereisten zijn overeengekomen in het kader van een mediation: deelname aan een mediation heeft een vrijblijvend karakter, hetgeen meebrengt dat partijen in beginsel niet kunnen worden gehouden aan een standpunt dat zij tijdens het mediationtraject hebben ingenomen noch aan gedane voorstellen of toezeggingen. Indien het hof mocht hebben bedoeld dat de mediationovereenkomst onder 4.5, eerste bullet , géén vormvereisten inhoudt, klaagt de Staat dat het hof aan die contractsbepaling een onbegrijpelijke uitleg heeft gegeven en bovendien buiten de door partijen bepaalde grenzen van het geschil is getreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884, en de alinea staat in dat document op bytes 25162 tot 26201.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884 | shasum -a 256