Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013

Onder 2.7. Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:879.

Het algemeen vermogensrecht biedt de mogelijkheid bij het afleggen van een verklaring als bedoeld in art. 3:33 e.v. BW een voorbehoud te maken. Tenzij uit de wet of uit de aard van de rechtshandeling anders voortvloeit, kan een rechtshandeling onder een tijdsbepaling of onder een voorwaarde worden verricht (art. 3:37 BW). Zo kan tijdens onderhandelingen (het uitwisselen van verklaringen) een partij het voorbehoud maken dat zij zich tot niets verplicht vóórdat algehele overeenstemming is bereikt over alle onderwerpen die partijen beogen te regelen (“ subject to full and final agreement ”). In dezelfde lijn ligt het voorbehoud van goedkeuring door een bepaald orgaan van de vennootschap of publiekrechtelijke instelling (“ subject to approval ”). Evenzo kan een onderhandelingspartner het voorbehoud maken dat hij zich beschouwt als ongebonden tot het moment waarop de overeenkomst schriftelijk is vastgelegd in een ondertekend contract (“ subject to contract ”) of zelfs in een notariële akte .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884, en de alinea staat in dat document op bytes 28240 tot 29432.