Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013

Onder 2.23. Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:879.

Zou dit de enige grond zijn geweest waarop de bestreden beslissing berustte, dan zou de klacht wellicht slagen. De bestreden overweging moet echter worden gelezen in de context. In de redenering van het hof was voor partijen essentieel of de afspraak de instemming van de mediator had; niet of deze instemming blijkt uit diens handtekening op het formulier waarop de afspraak is weergegeven. Daarbij past de door het hof genoemde omstandigheid dat de belastinginspecteur in de schriftelijke overeenkomst geen plek meer had ingeruimd voor een handtekening van de mediator. Zo beschouwd, doet niet ter zake dat het voor de mediator fysiek mogelijk zou zijn geweest, ergens op dat document zijn handtekening te plaatsen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884, en de alinea staat in dat document op bytes 45926 tot 46657.