Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013

Onder 2.25. Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:879.

In de bestreden overweging heeft het hof toepassing gegeven aan art. 3:14 BW . Ingevolge dit artikel mag een bevoegdheid die iemand krachtens het burgerlijk recht toekomt, niet worden uitgeoefend in strijd met geschreven of ongeschreven regels van publiekrecht. De bepaling is van belang wanneer de overheid gebruik maakt van privaatrechtelijke bevoegdheden, zoals in dit geval de bevoegdheid om een fiscaal compromis te sluiten. Uit deze bepaling volgt dat de overheid ook bij het aangaan van overeenkomsten niet in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur mag handelen . Het is waar, dat het beginsel van de rechtszekerheid en het vertrouwensbeginsel op zichzelf geen contractuele binding van de Staat aan een overeenkomst tot stand brengen, maar dat heeft het hof ook niet beslist. Het hof heeft voor de uitleg van de overeenkomst van belang kunnen achten dat hetgeen van de Staat mocht worden verwacht mede werd bepaald door het feit dat het handelen van de Staat gebonden is aan beginselen van behoorlijk bestuur . Niettemin acht ik de motivering niet sluitend, omdat daarin een schakel ontbreekt. Uit het arrest volgt niet waarom het rechtszekerheidsbeginsel of het vertrouwensbeginsel meebrengt dat de inspecteur ook in de periode na de beëindiging van de mediation gebonden is aan de tussentijds gemaakte afspraak.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884, en de alinea staat in dat document op bytes 47386 tot 48927.