Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013
Onder 2.28. Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:879.
Ingevolge art. 153 Rv wordt een overeenkomst buiten toepassing gelaten wanneer zij betrekking heeft op het bewijs van feiten waaraan het recht gevolgen verbindt die niet ter vrije bepaling van partijen staan, onverminderd de gronden waarop zij krachtens het Burgerlijk Wetboek buiten toepassing blijft. Deze laatste zinsnede omvat ook gevallen waarin een beroep op een bewijsovereenkomst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is (art. 6:248 BW). Het is aan de rechter overgelaten te bepalen wanneer en onder welke omstandigheden het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is zich op een bewijsovereenkomst te beroepen. Dit zal afhangen van de aard van de overeenkomst en van de omstandigheden van het geval . Of een overeenkomst als de onderhavige inderdaad is aan te merken als een ‘bewijsovereenkomst’ , staat ter beoordeling van de rechter die over de feiten oordeelt en behoeft in het verband van dit middelonderdeel geen bespreking .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884, en de alinea staat in dat document op bytes 50926 tot 52119.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec5fa135ef4e5fa3df4623b4612c7162f4c3df0dd84beeaab52928dbec368884 | shasum -a 256