Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 mei 2013

Onder 4.18. Parket bij de Hoge Raad 14 mei 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 mei 2013, ECLI:NL:PHR:2013:89.

Het Hof heeft derhalve op toereikende wijze gemotiveerd waarom het van het bedoelde standpunt van de verdediging is afgeweken. Ik merk daarbij op dat art. 359 lid 2, tweede volzin, Sv niet vereist dat op ieder argument van de verdediging wordt ingegaan. Dat de verdachte, zoals werd gesteld, het slachtoffer niet kon loslaten omdat deze hem vasthield, is een stelling die haaks staat op de bewering van de verdachte dat hij het slachtoffer hééft losgelaten. Nu bovendien niet goed valt in te zien waarom de gestelde vasthoudendheid van het slachtoffer het de verdachte onmogelijk maakte om de armklem te slaken, maakt het feit dat het Hof stilzwijgend aan dit argument voorbij is gegaan de motivering niet onbegrijpelijk. Hetzelfde geldt voor het argument dat de verdachte niet in de gelegenheid is geweest het geweld van de anderen te doen stoppen. Dat is namelijk niet wat art. 141 Sr van de verdachte verlangt. Voldoende is dat de verdachte zijn eigen geweld niet heeft gestopt en dat hij aldus een bijdrage heeft geleverd aan het gezamenlijke geweld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cdad49efec38bb4c417e10167d3d7371c833806f1698a526e70817f4c6d5c15. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cdad49efec38bb4c417e10167d3d7371c833806f1698a526e70817f4c6d5c15, en de alinea staat in dat document op bytes 54319 tot 55388.