Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 september 2013
Onder 2.8.6. Parket bij de Hoge Raad 27 september 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:913.
“Zijn er geen situaties denkbaar, waarin de werknemer onder druk meewerkt aan beëindiging door opzegging of ontbinding door de kantonrechter, en vervolgens een contract voor bepaalde tijd aangaat, dat van rechtswege eindigt? Ik vraag mij af, of dit inderdaad een reële situatie zou kunnen zijn. Wij moeten ons goed realiseren, dat de werknemer weet dat hij uiteindelijk bij afloop van het tijdelijke contract geen ontslagbescherming meer zal hebben. Mogelijkerwijs kan de werknemer na beëindiging door de opzegging een actie ondernemen vanwege kennelijk onredelijk ontslag. Maar in beginsel moeten wij ervan uitgaan, dat bij beëindiging van een relatie waarin de werknemer meewerkt, de ontslagbescherming moet blijven bestaan. Als de gegeven rechtsbescherming inderdaad door de werknemer wordt ingeroepen bij beëindiging van de arbeidsrelatie voor onbepaalde tijd, is daarmee vervolgens het recht op bijzondere bescherming verwerkt. Ik moet echt aannemen dat de werknemer daarvan op de hoogte is.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/debd5e69b3fb75c6f50bf79486c7e5c04f2434e79e9b898fa7f526953efff59a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt debd5e69b3fb75c6f50bf79486c7e5c04f2434e79e9b898fa7f526953efff59a, en de alinea staat in dat document op bytes 28943 tot 29962.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/debd5e69b3fb75c6f50bf79486c7e5c04f2434e79e9b898fa7f526953efff59a | shasum -a 256