Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 september 2013
Onder 2.28. Parket bij de Hoge Raad 17 september 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 september 2013, ECLI:NL:PHR:2013:950.
Het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering maakt onderscheid tussen de benoeming van een of meer deskundigen door de rechter (art. 194 e.v. Rv) en, anderzijds, het op verzoek van een procespartij horen van deskundigen die niet door de rechter zijn benoemd (art. 200 Rv). Daarnaast heeft een procespartij de mogelijkheid aan een door haar uitgekozen deskundige een opdracht tot onderzoek te geven en diens rapportage als schriftelijk bewijsstuk in het geding te brengen. In beide gevallen moet de procedure als geheel voldoen aan het vereiste van een eerlijk proces ( fair trial ) in art. 6 lid 1 EVRM; dit vereiste omvat mede het beginsel van equality of arms . De consequenties van de fair trial -norm voor de onpartijdigheid van de deskundige zijn in de vakliteratuur in kaart gebracht . Ten aanzien van de door de rechter benoemde deskundige wordt in art. 198 lid 1 Rv met zoveel woorden bepaald dat de deskundige die zijn benoeming heeft aanvaard, verplicht is de opdracht “onpartijdig en naar beste weten te volbrengen”.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f995cdfdb74e93d1847dbea8cd3c83154344a7fd203a692da17c947706afafe2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f995cdfdb74e93d1847dbea8cd3c83154344a7fd203a692da17c947706afafe2, en de alinea staat in dat document op bytes 46905 tot 48212.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f995cdfdb74e93d1847dbea8cd3c83154344a7fd203a692da17c947706afafe2 | shasum -a 256