Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2013
Alinea 121 Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BX5539.
29. In het licht van de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen geeft het hiervoor aangehaalde oordeel van het Hof dat het bewijs van de betrokkenheid van de verdachte bij het hem tenlastegelegde niet in overwegende mate rust op bedoelde verklaring van [betrokkene 1], geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is het niet onbegrijpelijk. De gebezigde bewijsmiddelen laten immers zien dat verdachte ter plaatse aanwezig was, dat hij met [betrokkene 1] heeft gesproken over de aankoop van een kilo heroïne, dat [betrokkene 1] naar binnen is gegaan om heroïne te halen, dat ter plaatse kilo's heroïne aanwezig waren, en dat hij vervolgens met verdachte naar diens auto is gelopen. Daarom kan niet worden gezegd dat de verklaring van [betrokkene 1]- in termen van het EHRM - "is likely to be determinative of the outcome of the case.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ffaffeb120ec00fd4d1a33a661ead093488ae5e3e5419422e8d385487057300. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ffaffeb120ec00fd4d1a33a661ead093488ae5e3e5419422e8d385487057300, en de alinea staat in dat document op bytes 60963 tot 61814.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9ffaffeb120ec00fd4d1a33a661ead093488ae5e3e5419422e8d385487057300 | shasum -a 256