Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2013

Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BX5539.

Verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep van 16 maart 2010 op vragen van het hof eerst verklaard dat hij op 26 september 2005 naar de garage van [betrokkene 1] is gegaan om een rode Ford Mustang te bekijken die door [betrokkene 1] te koop werd aangeboden. Verdachte heeft verklaard dat [betrokkene 1] hem toen voorstelde om heroïne te kopen en dat verdachte dat onmiddellijk heeft afgekapt. Daarbij heeft verdachte verklaard dat hij zich niet kan herinneren - omdat een en ander te lang geleden is - dat hij met [betrokkene 1] heeft gesproken over prijzen, kleur of kwaliteit van de heroïne. Later tijdens die terechtzitting, daarnaar gevraagd door zijn raadsman, heeft verdachte verklaard dat hij in de periode omstreeks 26 september 2005 krap bij kas zat en dat hij wel met [betrokkene 1] heeft gesproken over de prijzen, kleur en kwaliteit van de heroïne, maar dat hij vervolgens het gesprek in de garage al heeft afgekapt omdat hij niets te maken wilde hebben met (de handel in) verdovende middelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ffaffeb120ec00fd4d1a33a661ead093488ae5e3e5419422e8d385487057300. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ffaffeb120ec00fd4d1a33a661ead093488ae5e3e5419422e8d385487057300, en de alinea staat in dat document op bytes 11840 tot 12870.