Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013
Alinea 136 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BX7846.
Onderdeel 2c klaagt dat 's hofs oordeel rechtens onjuist is voor zover de verwerping van het beroep door de Bank op verjaring in rov. 4.11 berust op het oordeel dat ongeacht het bepaalde in art. 3:316 leden 2 en 3 BW, [verweerder] c.s. de verjaring hebben gestuit door tijdig binnen vijf jaar na aanvang van de verjaringstermijn een stuitingshandeling in de zin van art. 3:317 BW te verrichten. Daartoe betoogt het onderdeel dat indien de verjaring eenmaal is gestuit door een handeling strekkend tot verkrijging van een bindend advies als bedoeld in art. 3:316 lid 3 BW en die handeling niet leidt tot verkrijging van een bindend advies, de verjaring vervolgens alleen nog maar kan worden gestuit door het instellen van een nieuwe eis binnen een termijn van zes maanden, zoals bepaald in art. 3:316 lid 2 BW, en niet meer door een stuitingshandeling als bedoeld in art. 3:317 BW, ook niet wanneer die stuitingshandeling wordt verricht binnen de oorspronkelijke verjaringstermijn en voordat de bindend adviesprocedure is geëindigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdb30236f6409d0f1675bee6b095f0c9499c62025ca24077571de92b5310a484. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdb30236f6409d0f1675bee6b095f0c9499c62025ca24077571de92b5310a484, en de alinea staat in dat document op bytes 87137 tot 88182.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cdb30236f6409d0f1675bee6b095f0c9499c62025ca24077571de92b5310a484 | shasum -a 256