Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013
Alinea 99 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BX7846.
16. In het arrest HR 11 juni 2010, LJN BL8297, NJ 2010/331 ([I]/Van Lanschot Bankiers) is (impliciet) aanvaard dat de klachtplicht van art. 6:89 BW door zijn plaatsing in afdeling 9 van titel 1 van Boek 6 BW ook op beleggingsrelaties van toepassing is. In deze zaak werd schadevergoeding gevorderd door de cliënt van een bank die als vermogensadviseur was opgetreden. Aan de orde kwam de vraag of de cliënt had voldaan aan zijn klachtplicht door zijn onvrede te uiten en zijn vertrouwen in de beleggingsadviseur op te zeggen (waarna een andere adviseur was toegewezen). Uw Raad stelde voorop dat het in art. 6:89 BW bedoelde protest, gelet op art. 3:37 lid 1 BW, vormvrij is. Hij oordeelde dat de schuldeiser - gelet op de aan de protesteerplicht ten grondslag liggende ratio - in beginsel zijn wederpartij, voor zover mogelijk, dient te informeren over de gestelde aard of omvang van de tekortkoming en dat hij niet kan volstaan met de enkele mededeling aan de wederpartij dat de door deze verrichte prestatie ten achter blijft met hetgeen de verbintenis vergt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdb30236f6409d0f1675bee6b095f0c9499c62025ca24077571de92b5310a484. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdb30236f6409d0f1675bee6b095f0c9499c62025ca24077571de92b5310a484, en de alinea staat in dat document op bytes 54635 tot 55713.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cdb30236f6409d0f1675bee6b095f0c9499c62025ca24077571de92b5310a484 | shasum -a 256