Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013

Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BY4279.

4.7 Subonderdeel 1.a klaagt dat het hof heeft miskend dat voor het totstandkomen van een verdeling vereist is dat partijen meewerken aan een rechtshandeling strekkende tot het totstandkomen van een verdeling en dat daartoe dus bij partijen een op het rechtsgevolg van een verdeling gerichte wil aanwezig moet zijn, die zich door een verklaring heeft geopenbaard (art. 3:33 BW). Subsidiair wordt geklaagd dat 's hofs oordeel dat van een dergelijke rechtshandeling sprake was, ontoereikend is gemotiveerd, met name waar geen van partijen de totstandkoming van een dergelijke rechtshandeling heeft gesteld. Volgens subonderdeel 1.b miskent het hof dat een verdeling niet tot stand komt (althans behoeft te komen) indien partijen het weliswaar eens zijn over de vraag welk goed aan wie van partijen zal worden toegedeeld, maar niet over de vraag tegen welke waarde moet worden toegedeeld en welk (eventueel) saldo door een van de deelgenoten aan de andere moet worden betaald. Subonderdeel 1.c klaagt dat het hof, indien het is uitgegaan van een partiële verdeling (die niet alle boedelbestanddelen en/of verrekeningen omvat), zijn oordeel onvoldoende heeft gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e49be3682b1299f52d8797feddb13809bbc21ce38a54ce89f555bf894ea706b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e49be3682b1299f52d8797feddb13809bbc21ce38a54ce89f555bf894ea706b, en de alinea staat in dat document op bytes 40371 tot 41552.