Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013
Alinea 149 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BY4600.
3.21 De klacht van onderdeel 3, zevende alinea, luidt dat, voor zover het hof heeft geoordeeld dat er voor het tijdsverloop tussen de aanvang van de (klacht)termijn en het melden geen duidelijke reden is geweest, dat oordeel in het licht van de stukken onbegrijpelijk is. [Eisers] benadrukken dat [eiser 1] zelf niet deskundig was en daarnaast dat de fiscale adviseur pas in een later stadium duidelijk werd op welke wijze de Rabobank de dienstverlening had ingevuld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe262413ccbf4e10dddcb80c8cc1d72a7468eb232bd1f1236942375f1663b370. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe262413ccbf4e10dddcb80c8cc1d72a7468eb232bd1f1236942375f1663b370, en de alinea staat in dat document op bytes 83102 tot 83582.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fe262413ccbf4e10dddcb80c8cc1d72a7468eb232bd1f1236942375f1663b370 | shasum -a 256