Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BY6111.

4.18. Het oordeel van het hof is ook overigens niet onjuist, noch onbegrijpelijk. In cassatie staat vast dat DB Schenker de in het tussenvonnis van 16 juni 2006 vervatte verplichting om het Brondocument aan de deskundige ter beschikking te stellen niet is nagekomen. In feitelijke instanties heeft DB Schenker daar in wezen geen andere redengeving voor aangedragen dan 'haar moverende redenen' (zie bijv. memorie van grieven onder 17). Dat DB Schenker bij de afweging hiervan tegen het hiervoor genoemde belang van Prorail het onderspit heeft gedolven, vermag niet te verbazen. De stelling van DB Schenker dat het Brondocument niet relevant is omdat de deskundige zelf onderzoek moet doen en niet aan de hand van een mening van Lloyd's, kan bovendien niet als essentieel worden gekwalificeerd. Indien juist, zou zij immers op zichzelf niet kunnen leiden tot de conclusie dat van een rechtmatig belang géén sprake is, reeds omdat de hier aan te leggen toets als gezegd een afweging betreft die meer factoren omvat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bc3e1dfe5c9c343c90daf55d86859fb8b6f21bd73f854087ce92874d89df963. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bc3e1dfe5c9c343c90daf55d86859fb8b6f21bd73f854087ce92874d89df963, en de alinea staat in dat document op bytes 43090 tot 44119.