Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BZ3641.
2.2. [Betrokkene 1] geldt voor de wet als de vader van [verzoekster], omdat zij staande het huwelijk van de vader en de moeder is geboren. Op grond van art. 1:200, lid 1 onder b, BW kan het vaderschap door de vader, de moeder of het kind worden ontkend, op de grond dat de man niet de biologische vader van het kind is. Het verzoek van het kind tot gegrondverklaring van de ontkenning wordt bij de rechtbank ingediend binnen drie jaren nadat het kind bekend is geworden met het feit dat de man vermoedelijk niet zijn biologische vader is. Indien het kind gedurende zijn minderjarigheid bekend is geworden met dit feit, kan het verzoek nog bij de rechtbank worden ingediend tot uiterlijk drie jaren na de datum waarop het kind meerderjarig is geworden. Voor zover dit uit de gedingstukken valt op te maken, is [verzoekster] naar Nederlands recht meerderjarig geworden in 1970 (art. 1:233 oud BW).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/331d009fc37a0455f11e9cf7c093add31538e01e4c0b8bd1786eea0da0c62dd1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 331d009fc37a0455f11e9cf7c093add31538e01e4c0b8bd1786eea0da0c62dd1, en de alinea staat in dat document op bytes 20151 tot 21059.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/331d009fc37a0455f11e9cf7c093add31538e01e4c0b8bd1786eea0da0c62dd1 | shasum -a 256