Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2013
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 maart 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BZ5664.
2.6 Saldal c.s. hebben aangevoerd dat de onderhavige procedure en de procedure waarmee de voeging is verzocht zodanig onlosmakelijk met elkaar zijn verknocht dat een gesplitste behandeling - met mogelijk tegenstrijdige uitspraken - uiterst ongewenst is. [verweerder] heeft daartegenover gesteld dat voeging onder de gegeven omstandigheden slechts tot onredelijke vertraging van de onderhavige procedure zou leiden(9). Daarnaast is van belang dat Saldal c.s. gedurende een periode van bijna acht maanden (december 2010 - augustus 2011(10)) uitstel hebben gehad voor het nemen van de memorie van grieven. Zij hebben hun incidentele vordering tot voeging pas op de laatst mogelijke datum ingesteld, te weten nadat hun partijperemptoir en akte niet-dienen van grieven was aangezegd. Zij hebben niet gemotiveerd waarom de incidentele vordering pas op dat moment werd ingesteld of kon worden ingesteld. Voorts werd voeging gevraagd met een procedure die slechts aanhangig was gemaakt maar waarin nog niet van grieven was gediend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2c080af840ea2bdb114dc76a4cf450bb35d5a6b877f4c825940dc3a76f5020b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2c080af840ea2bdb114dc76a4cf450bb35d5a6b877f4c825940dc3a76f5020b, en de alinea staat in dat document op bytes 11153 tot 12190.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f2c080af840ea2bdb114dc76a4cf450bb35d5a6b877f4c825940dc3a76f5020b | shasum -a 256