Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013
Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013, ECLI:NL:PHR:2013:CA0721.
2.3.1 Indien de hiervoor kort weergegeven omstandigheden uit de brief van 29 november 2012 van de Curator voor juist kunnen worden gehouden, dan kan worden gezegd dat de betaling van het griffierecht na 19 november 2012 in niet onbelangrijke mate is toe te schrijven aan een toedoen van de instantie die namens de Hoge Raad de nota inzake het griffierecht heeft verzonden. Er is door de gedragingen van genoemde instantie verwarring omtrent de uiterste betaaldatum ontstaan, van welke verwarring het risico niet bij de Curator hoort te liggen. Immers, nu in de ontvangen nota een uiterste betaaldatum was opgenomen die vóór de datum van ontvangst van de nota lag en bovendien onjuist was, kon in die nota aanleiding worden gevonden om met de instantie, die die nota uit naam van de Hoge Raad had verzonden, telefonisch contact op te nemen. Het valt verder alleszins te billijken dat vervolgens in verband met de voldoening van de nota de uiterste betaaldatum in aanmerking is genomen die door genoemde instantie bij het telefonisch contact is opgegeven, ook al was ook die datum niet de uiterste betaaldatum die uit de wet voortvloeide. Onder genoemde omstandigheden zou het buiten aanmerking laten van het verweerschrift van de Curator tot een onbillijkheid van overwegende aard leiden.((8))
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78cea2405af330586f3839ebfe82eca3c198572d60c80ac04d917018ad541852. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78cea2405af330586f3839ebfe82eca3c198572d60c80ac04d917018ad541852, en de alinea staat in dat document op bytes 17297 tot 18604.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/78cea2405af330586f3839ebfe82eca3c198572d60c80ac04d917018ad541852 | shasum -a 256