Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013

Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2013, ECLI:NL:PHR:2013:CA0721.

Deze opvatting van de rechtbank omtrent de verhouding tussen enerzijds het belang van de boedel en de schuldeisers en anderzijds andere belangen komt niet onjuist voor. Zij strookt met de aard van een faillissement. Een faillissement is nl. een vooral op het belang van schuldeisers gericht juridisch instrument. Het faillissement strekt immers ertoe om, wanneer een schuldenaar in de toestand is geraakt dat hij zijn schulden niet meer voldoet, door tussenkomst van een curator te komen tot een verdeling van de onder het faillissement vallende activa over de schuldeisers die een vordering op de schuldenaar hadden ten tijde van het uitspreken van het faillissement of na het uitspreken van het faillissement krijgen door toedoen van de curator.((10)) Voor genoemde opvatting is ook steun te vinden in een aantal uitspraken van de Hoge Raad, waarin de vraag speelde of andere belangen dan die van de bij een faillissement betrokken schuldeisers door de curator mogen worden meegewogen. Zo laat de Hoge Raad in rov. 3.5.2 van zijn arrest van 19 december 2003((11)) hiervoor ruimte maar uit de gekozen bewoordingen blijkt dat daarbij terughoudendheid is te betrachten. De Hoge Raad stelt aldaar voorop dat "het onder omstandigheden gerechtvaardigd kan zijn dat een curator de voorrang geeft aan zwaarwegende, bij wijze van beheren en vereffenen van de boedel betrokken belangen van maatschappelijke aard boven de belangen van individuele schuldeisers". Hij laat daarop dan volgen dat het belang van een doelmatige afwikkeling van een faillissement in zijn algemeenheid niet tot de zwaarwegende belangen van maatschappelijke aard als bedoeld in HR 19 april 1996, LJN ZC2047, NJ 1996, 727 m.nt. S.C.J.J. Kortmann behoort.((12)) In rov. 3.5.2 van dit laatste arrest geeft de Hoge Raad te verstaan, "dat aan de bij de wijze van beheren en vereffenen van de boedel betrokken belangen van maatschappelijke aard onder omstandigheden voorrang kan toekomen boven die van de individuele schuldeisers." Dat over het gewicht van het belang van de failliet ten opzichte van het belang van de boedel en de schuldeisers anders moet worden geoordeeld dan hiervoor beschreven, valt uit de faillissementswet en de rechtspraak((13)) niet af te leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78cea2405af330586f3839ebfe82eca3c198572d60c80ac04d917018ad541852. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78cea2405af330586f3839ebfe82eca3c198572d60c80ac04d917018ad541852, en de alinea staat in dat document op bytes 26509 tot 28754.