Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2014

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1479.

Ik neem aan dat het Hof deze overweging op het oog heeft gehad. Het gaat hier echter om een casus-gebonden oordeel en bepaald niet om een limitatieve opsomming van uitlatingen die buiten het bereik van art. 10 EVRM vallen. Over de vraag hoe andere gevallen beoordeeld moeten worden, zegt deze beslissing dan ook niets. Daarbij merk ik nog op dat onder “susciter un sentiment de rejet” heel wel het aanzetten tot discriminatie begrepen kan worden. De tweede uitspraak die het Hof noemt, is EHRM 15 maart 2011, nr. 2034/07 (Mondragon tegen Spanje). Mondragon, een Bask, was wegens belediging veroordeeld omdat hij de Spaanse Koning in verband had gebracht met de martelingen die zouden plaatsvinden. Het EHRM oordeelde art. 10 EVRM geschonden, waarbij het onder meer overwoog:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d35d6f0996c533db4db8e6a8563d72cd7119201b1e344f4d4c543ea48e3ed032. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d35d6f0996c533db4db8e6a8563d72cd7119201b1e344f4d4c543ea48e3ed032, en de alinea staat in dat document op bytes 29556 tot 30348.