Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2014
Onder 9.1 Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:162.
Uit het bovenstaande volgt dat ik weliswaar met de Staatssecretaris meen dat tekst en toelichting bij het Besluit Wfsv en de overige parlementaire geschiedenis nauwelijks aanwijzingen bevatten ter zake van de strekking van het criterium ‘schriftelijk’, maar dat voor zover er aanwijzingen zijn, deze er op wijzen dat het om een bewijslastverdeler gaat en niet om een constitutief vereiste (zie onderdeel 8.7 hierboven). Uitleg van de term ‘schriftelijk’ als bewijslastverdeler is bovendien teleologisch superieur aan uitleg als constitutief vereiste voor premieverlaging, omdat die uitleg het toepassingsbereik van de premiedifferentiatie beter aansluit op doel en strekking ervan dan een constitutief vereiste, en voorkomt dat zich contraproductieve resultaten voordoen zoals anders in belanghebbendes geval. Onjuist lijkt mij daarmee de stelling van de Staatssecretaris dat het criterium ‘schriftelijk’, opgevat als constitutief vereiste, doel en strekking van de premiedifferentiatieregeling zou realiseren; in omstandigheden zoals die van de belanghebbende is immers het tegendeel het geval.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccd33d0a03ccec92dc1e1ba913dd9fc1b4560b9cffe6bb30287dd7f0b947b7b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccd33d0a03ccec92dc1e1ba913dd9fc1b4560b9cffe6bb30287dd7f0b947b7b2, en de alinea staat in dat document op bytes 121283 tot 122403.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ccd33d0a03ccec92dc1e1ba913dd9fc1b4560b9cffe6bb30287dd7f0b947b7b2 | shasum -a 256