Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2014

Onder 5 Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:162.

De regelgevingsgeschiedenis biedt opmerkelijkerwijs geen antwoord op de vraag waarom art. 2.3(2)(a) Besluit Wfsv de zinsnede “blijkens een schriftelijke arbeidsovereenkomst” bevat, met name niet op de vraag waarom de arbeidsovereenkomst volgens de gedelegeerde wetgever een schriftelijke vorm zou moeten hebben. Zij biedt slechts enige - vrij vage - aanknopingspunten voor de opvatting dat de administratieve lasten voor de werkgever erdoor zouden worden beperkt (die zou slechts een kopie in zijn loonadministratie hoeven opnemen) en/of de uitvoeringslasten voor de fiscus.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccd33d0a03ccec92dc1e1ba913dd9fc1b4560b9cffe6bb30287dd7f0b947b7b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccd33d0a03ccec92dc1e1ba913dd9fc1b4560b9cffe6bb30287dd7f0b947b7b2, en de alinea staat in dat document op bytes 37592 tot 38183.