Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2014
Onder 24. Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1641.
Onder het oude recht bestond geen wettelijke regeling van het royement. Wel werd doorhaling op de rol als administratieve maatregel in de praktijk veelvuldig toegepast en door de rechtspraak aanvaard. Zie: HR 14 september 2001, ECLI:NL:HR:2001:ZC3637; de conclusie van A-G Bakels voor HR 3 december 1999, ECLI:NL:HR:1999:AA3818, NJ 2000/235, m.nt. P.A. Stein; Bosch-Boesjes, Voortijdige beëindiging van civiele procedures, 1998, par. 6.1.3; de conclusie van A-G Asser voor HR 13 mei 1988, ECLI:NL:HR:1988:AD7160, NJ 1988/775 en de noot van W.H. Heemskerk onder HR 7 maart 1980, ECLI:NL:HR:1980:AB7479, NJ 1980/535 met een overzicht van de destijds heersende opvattingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c8e181d1535f2511a4a71c15fdb087c91e05379b2c8a8f57cf41dca6f749b9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c8e181d1535f2511a4a71c15fdb087c91e05379b2c8a8f57cf41dca6f749b9f, en de alinea staat in dat document op bytes 66806 tot 67492.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1c8e181d1535f2511a4a71c15fdb087c91e05379b2c8a8f57cf41dca6f749b9f | shasum -a 256