Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2014
Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1736.
(f) De beoordeling van de auteursrechtelijke beschermingsomvang van een bepaald werk en van de vraag of daarop door een ander werk inbreuk wordt gemaakt, is in hoge mate feitelijk van aard en derhalve slechts in (zeer) beperkte mate vatbaar voor toetsing in cassatie (vgl. HR 5 januari 1979, LJN AB7291, NJ 1979/339 (Heertje/Hollebrand)). Klachten die in wezen een nieuwe feitelijke beoordeling in cassatie vragen, miskennen de grenzen van de cassatierechtspraak. Overigens dient de wijze waarop de toetsing door de feitenrechter is uitgevoerd in overeenstemming te zijn met de hiervoor weergegeven rechtsregels en moet de uitspraak tenminste zodanig zijn gemotiveerd dat deze voldoende inzicht geeft in de aan haar ten grondslag liggende gedachtegang om de beslissing zowel voor partijen als voor derden - in geval van openstaan van hogere voorzieningen: de hogere rechter daaronder begrepen - controleerbaar en aanvaardbaar te maken (HR 4 juni 1993, LJN ZC0986, NJ 1993/659). Daartoe is evenwel niet steeds vereist dat alle door een partij aangedragen stellingen door de rechter uitdrukkelijk in de motivering worden betrokken .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2d26bf22d898350cce1803b1fd0138474f76249955ed6d10b996fe6e82a81e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2d26bf22d898350cce1803b1fd0138474f76249955ed6d10b996fe6e82a81e4, en de alinea staat in dat document op bytes 29597 tot 30803.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b2d26bf22d898350cce1803b1fd0138474f76249955ed6d10b996fe6e82a81e4 | shasum -a 256