Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2014

Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1736.

Onderdeel C klaagt dat in het licht van de vaststelling van het hof dat andere vormen mogelijk zijn (gebleken) voor het onderhavige spel het onbegrijpelijk is waarom de keuze van de kubusvorm, zoals het hof overweegt, voor de hand ligt of onvoldoende creatief' is. Voorts volgt niet kenbaar uit het arrest dat het hof bij de beoordeling van - in de woorden van het hof - de mate waarin de keuze voor de kubus vorm creatief was en de mate waarin de keuze voor de kubusvorm "voor de hand ligt" als maatgevend heeft genomen het tijdstip waarop de Rubik's Kubus werd gecreëerd, hetgeen het oordeel van het hof onbegrijpelijk doet zijn, met name in het licht van de stelling zijdens Rubik (pleitnota in Appel par. 59-60) inhoudende dat kennisname van het reeds gecreëerde werk op een tijdstip gelegen na het tijdstip van de daad van schepping van het werk de waardering van de mate van creativiteit van de keuze van de vorm en/of de mate waarin de keuze van de vorm "voor de hand ligt" ten onrechte negatief beïnvloedt, zodat het hof had dienen te motiveren dat en waarom, ook op het tijdstip van creëren van het werk van Rubik, de keuze voor de kubusvorm voor het betreffende werk niet op subjectieve keuzes berustte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2d26bf22d898350cce1803b1fd0138474f76249955ed6d10b996fe6e82a81e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2d26bf22d898350cce1803b1fd0138474f76249955ed6d10b996fe6e82a81e4, en de alinea staat in dat document op bytes 44916 tot 46191.