Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 oktober 2014

Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 3 oktober 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 oktober 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1801.

De (tweede) klacht van het onderdeel dat het hof in de rov. 5.3 en 5.5 eraan heeft voorbijgezien dat het voorkomen van concurrentieverstoring door het weren van kruissubsidies en de door het groepsverbod beoogde transparantie op de energiemarkt belangen zijn die niet louter economisch van aard zijn en - minst genomen - ook een niet-economische component hebben, heb ik in mijn eerdere conclusie (onder 4.63) als gegrond beoordeeld. De Hoge Raad heeft deze klacht in het tussenarrest (in de rov. 3.17.1-3.17.3 en 3.21) besproken en naar aanleiding daarvan zijn derde prejudiciële vraag geformuleerd. Bij de beantwoording van deze vraag (in het dictum onder 2) heeft het HvJ EU ten aanzien van het groepsverbod en het verbod op nevenactiviteiten geoordeeld dat de daaraan ten grondslag liggende doelstellingen om kruissubsidiëring in ruime zin tegen te gaan, transparantie op de energie- en gasmarkt te bewerken en concurrentieverstoring te voorkomen, als dwingende vereisten van algemeen belang de beperkingen van het vrije kapitaalverkeer kunnen rechtvaardigen (punt 56-68). De gegrondheid van de klacht kan na het prejudiciële arrest derhalve niet meer in twijfel worden getrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c23cb2ff8679005141b7973f3f474c5a72242d86e93e93d731500607fc7c391a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c23cb2ff8679005141b7973f3f474c5a72242d86e93e93d731500607fc7c391a, en de alinea staat in dat document op bytes 49101 tot 50302.