Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2014

Onder 2.10. Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2014

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1826.

De term 'maatschappelijk te gronde gaan' in art. 1 lid 1 Wet Bopz moet met enige voorzichtigheid worden gehanteerd: een keuze voor een van de gangbare maatschappelijke normen afwijkende levensstijl behoeft niet te duiden op de aanwezigheid van dit gevaar. Bij `maatschappelijk te gronde gaan' pleegt te worden gedacht aan de patiënt die als gevolg van de stoornis van zijn geestvermogens zijn maatschappelijke positie (bijvoorbeeld: zijn werkkring, woning, vermogen) of zijn sociale relaties (waaronder: zijn gezin of contacten met familie, buren en vrienden) verliest en ongewenst in een maatschappelijk isolement raakt. Bij patiënten die niet beschikken over een werkkring, woning, vermogen en gezin kan in dit verband bijvoorbeeld worden gedacht aan het dreigend verlies van de contacten met vrienden of hulpverleners die de betrokkene in staat stellen zich zelfstandig in de maatschappij staande te houden . De rechtbank heeft het gevaar van maatschappelijk te gronde gaan niet anders toegelicht dan door verwijzing naar ‘de overgelegde stukken’. Het gevaar van ‘maatschappelijke teloorgang’ is genoemd in de geneeskundige verklaring (rubriek 5.b en 5.c), maar ook daar niet nader uitgewerkt, naast het gevaar van ernstige zelfverwaarlozing. Het zou m.i. in dit geval niet voldoende zijn geweest om de beslissing zelfstandig te dragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dbcf26efb165e8f3357932f0805d2a2ec68057dbdcc248b730bdef76ff04af01. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dbcf26efb165e8f3357932f0805d2a2ec68057dbdcc248b730bdef76ff04af01, en de alinea staat in dat document op bytes 19352 tot 20777.