Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2014
Onder 2.21. Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1853.
Blijkens het proces-verbaal heeft betrokkene medegedeeld dat zij zelf een advocaat wilde regelen. Indien betrokkene daarmee heeft bedoeld dat zij zelf wilde kiezen welke advocaat aan haar wordt toegevoegd, geeft dat standpunt blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Indien betrokkene toevoeging van een andere advocaat wenste, dient de grondslag daarvoor te worden gevonden in art. 45 lid 2 Sv. Het komt mij voor, dat ook in deze situatie een met de kwetsbare positie van betrokkene strokende uitleg van art. 8 lid 3 Wet Bopz, in verbinding met het vierde lid van art. 45 Sv, meebrengt dat de rechter diende te onderzoeken of de betrokkene toevoeging van een andere raadsman wenste. Onderdeel 3 treft doel. Ook na gegrondbevinding van onderdeel 1 houdt betrokkene belang bij de bespreking van dit middelonderdeel, met het oog op de verdere behandeling van de zaak na verwijzing.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23027fc50a94412fbf0f0b7294a6574a87e8b0c82e53237eef4ad9157aef1baa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23027fc50a94412fbf0f0b7294a6574a87e8b0c82e53237eef4ad9157aef1baa, en de alinea staat in dat document op bytes 30317 tot 31208.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/23027fc50a94412fbf0f0b7294a6574a87e8b0c82e53237eef4ad9157aef1baa | shasum -a 256