Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2014
Onder 7.3.3. Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2014
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1869.
Overigens merkt het hof op dat de stellingen van [eiser] in het licht van de gedetailleerde informatie van de zijde van [verweerster] vaag en zonder details, nauwelijks te plaatsen in de tijd, en daarom weinig geloofwaardig zijn. Met name de van zijn eerdere stelling afwijkende verklaring van [eiser] ter gelegenheid van het pleidooi dat hij de vaststellingsovereenkomst reeds in november 2010 zou hebben getekend en tevens dat hij nimmer uit zichzelf heeft gesproken over de mogelijkheid/wenselijkheid van vroegpensioen, komt het hof nogal vreemd voor. Daartegenover zijn de stellingen van [verweerster] en de door haar overgelegde verklaringen van [betrokkene 1] en [betrokkene 2], assistent to manager shipbuilding productions bij [verweerster] (prod. 1 en 2 mvg) veeleer consistent te noemen. De verklaring die [verweerster] heeft gegeven voor het opnemen van punt d. in de preambule van de vaststellingsovereenkomst is daarbij alleszins voorstelbaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2d64fb404a2897dd54a1f0a003fc4332103446039d20a14fe5490640f1e64b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2d64fb404a2897dd54a1f0a003fc4332103446039d20a14fe5490640f1e64b2, en de alinea staat in dat document op bytes 49432 tot 50401.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c2d64fb404a2897dd54a1f0a003fc4332103446039d20a14fe5490640f1e64b2 | shasum -a 256